De epimedium in mijn tuintje staat prachtig in bloei. Op dunne, hoge stengeltjes bungelen prachtige kleine bloemetjes. Een ding is zeker, van dit bodembedekkend schaduwplantje gaan er nog veel meer in mijn tuin komen.
De epimedium in mijn tuintje staat prachtig in bloei. Op dunne, hoge stengeltjes bungelen prachtige kleine bloemetjes. Een ding is zeker, van dit bodembedekkend schaduwplantje gaan er nog veel meer in mijn tuin komen.
Afgelopen weekend heb ik mijn eerste wijn gebotteld. 30 flessen kersenwijn en 5 flessen aardbeienwijn. Vooral de aardbeienwijn is goed gelukt. Nu de paardenbloemen volop in bloei staan is het tijd om aan mijn volgende wijnproject te beginnen: paardenbloemwijn.
Ik heb in iedergeval al een mooi plekje gevonden waar veel paardenbloemen staan: op de dijk bij de Vreugderijkerwaard. Het klaar maken van de paardenbloemen na het plukken is trouwens nog een hele klus. Na anderhalf uur bloemblaadjes van de steeltjes draaien heb ik ruim 200 gram in de diepvries liggen. Nu de andere anderhalf kilo nog.
Gisteren nam ik mij voor om, wanneer en vanmorgen weer mist zou zijn, ik al fotograferend langs de IJssel naar het werk zou gaan. Maar helaas, vanmorgen was het een heldere ochtend.
Nou ja, zo’n anderhalve week geleden ben ik met wat lichte nevel op pad geweest en aan die foto’s ben ik nog steeds niet toegekomen. Dan moet ik daar vandaag maar eens mee aan de slag.
Het wildemanskruid dat ik laatst in mijn tuin plantte is inmiddels alweer bijna uitgebloeid. De witte bloemen lieten een prachtige dot gele meeldraden zien. Ik heb nu dus genoten van de knoppen en van de bloemen van dit plantje, en straks volgen de mooie pluimpjes van de zaadbol. Ik ben benieuwd.
Iemand trouwens enig idee hoe dit plantje aan zijn naam komt?
Voor de meeste mensen is het onkruid. Ook voor mij, wanneer ze in mijn tuintje staan verwijder ik ze. Ze zien er wat grof en plomp uit tot dat je er met een macrolens boven op gaat zitten. Dan zie je ineens dat de meeldraden van de paardenbloem mooie krulletjes maakt. En dat de insecten de bloem weten te waarderen.
De sering in mijn achtertuin heeft een sluier van bloemen over zich heen geworpen. Nog heel even en dan kan ik weer heerlijk de seringengeur op gaan snuiven. Ik hoop maar dat de struik de zware last van bloemen kan blijven dragen.
Op de tuintafel prijkt een grote pot met blauwe bloemen (ik vergeet steeds de naam van deze bloem) Ik kon ze niet laten staan toen ik ze op de markt zag staan, zo mooi blauw. Deze vlieg vond ze ook wel wat hebben geloof ik. En ik vond de combinatie van kleur vlieg en bloem weer wat hebben. Een foto is dan snel gemaakt.
Toen ik eergisteren van het werk naar huis fietste ben ik even met een omweggetje gegaan.Via het engelse werk, langs de IJssel en daarna over de sluis naar huis. Vlak voor de sluis zag ik in de berm iets oranjes bij de pinktserbloemen vliegen: een oranjetip. Al een paar jaar probeer ik deze vlinder op de foto te krijgen maar steeds wanneer ik ze zie zitten ze nooit stil.
Dit keer bleef de vlinder wel zitten en dus zette ik mijn fiets snel aan de kant. Ik had mijn macrolens helaas niet bij mij en moest het dus doen met de tamron-lens.
Ik had net bovenstaande foto gemaakt toen de vlinder weer op vloog om op een andere bloem te gaan zitten. Dit keer met gesloten vleugels zodat de mooie oranje vleugeltippen niet meer te zien zijn.
Even later werd weer een andere bloem bezocht. Zo ben ik de vlinder nog een beetje gevolgd van bloem naar bloem maar de vleugels werden niet meer open geklapt.
Bij deze vlinder moest ik aan het liedje van Martine Bijl denken: “er was eens een vlinder, zonder huis, zonder gezin, hij wilde wel een keertje trouwen maar hij was niet overal voor in…….” Ik geloof dat hij de pinksterbloem wel zag zitten.
Het ziet er naar uit dat het vandaag weer een prachtige dag gaat worden. Bij het maken van deze foto zag ik vanmorgen dat de fuut en de meerkoet weer gebroederlijk naast elkaar een nest hebben. Ik ben benieuwd wanneer hun jongen hier weer rondzwemmen.
De vijver op het plein is weer leeg. Vanmorgen kwamen twee heren van de gemeente om Moeder Eend enĀ haar jongen te verhuizen naar een andere plek. Moeder Eend was zo gevangen, maar de jonkies was een heel ander verhaal. Als eerste was het gele kuikentje gevangen, maar de mazen in het net waren te groot en het jonkie wist zich er uit te wringen en ging er vandoor.
Een van de twee mannen moest bij de bak blijven staan waar Moeder Eend in zat, die probeerde steeds te ontsnappen om bij haar jongen te zijn.
Gemeentemeneer nr 2 had dus de taak om met het net de jonkies te vangen. Dat viel nog niet mee, de eendjes konden dan niet vliegen, ze konden prima duiken of heel hard wegzwemmen.
Ik heb met verwondering zitten kijken hoe een vrouw de weg vroeg aan deze mannen die toch duidelijk heel erg druk ergens mee bezig waren. Aan een simpel eerste links, eerste rechts had ze blijkbaar niet genoeg want ze bleef maar vragen en verschillende kanten op wijzen.
Door de grote mazen in het net bleven de eendjes er maar half uitvallen en was het soms een gepluk om ze er tussenuit te krijgen.
Maar uiteindelijk was het gelukt en zaten alle jonkies veilig bij moeder in de bak. Het bleken er uiteindelijk 13 te zijn.
Nu haar jongen allemaal bij haar waren probeerde Moeder Eend ook niet meer uit de bak te komen.
Ik heb nog even met de heren gesproken. De eenden werden naar het Ecodrome gebracht, daar is een mooie vijver waar ze zich prima zouden kunnen redden.