Vanmorgen was ik al vroeg op. Even een natuurfilm kijken op tv, een beetje internetten….. en dan ineens zie je de normaal cremekleurige gordijnen een rode kleur aannemen. Jeetje, dat moet wel een heel vlammende zonsopgang zijn. Ik spring van de bank, ruk het gordijn open en maak daarmee Xarak zo aan het schrikken dat hij snel de benen neemt.

De lucht is inderdaad vlammend rood. Waarom ben ik er vanmorgen nou niet op uit gegaan met de camera. Ik had er nog even aan gedacht. Alhoewel ik weet dat zonsopgangen zo voorbij zijn waag ik het er toch op. De schoenen half vastgeknoopt, de eerste de beste jas aangetrokken en de auto gestart. Verdorie, het voorruit ook nog bevroren. Snel de krabber gegrepen en aan de gang gegaan. Gelukkig was het geen harde laag.

Snel de straat uitgeraced, bij een gevaarlijk kruispunt komt net van weerskanten een auto. Ik rij op de voorrangsweg maar dat hebben mensen vaak niet door, oppassen dus. Maar het gaat goed, de chaufeurs zijn wakker. Even verderop een stoplicht, weer oponthoud. En ondertussen wordt de lucht steeds bleker.

Eindelijk kon ik de auto parkeren naast het Sophiaziekenhuis. Ik parkeerde nog geen meter naast een merel, het beestje trok zich niets van mij aan en pikte rustig door in het oude bladafval. Snel naar de weilanden gelopen om de lucht te fotograferen die nog maar een fractie van de kleur had die het nog geen 5 minuten eerder had.

Na een paar foto’s gemaakt te hebben voel ik dat ik niet de juiste jas van de kapstok heb gegrist en krijg het al snel koud. En ook al verleurt de lucht nu in een prachtig oud roze, ik maak toch maar rechtsomkeer om weer een beetje op te warmen.