Ik zit al een paar weken zonder auto, mijn huidige auto is afgekeurd en mijn nieuwe auto laat op zicht wachten. Gelukkig heb ik een hele aardige buurvrouw en gisteren mocht ik haar auto lenen om even naar het bos te gaan. Het was al weer lang geleden dat ik daar was en het was er zoals altijd weer prachtig.

Ik liep richting het zwijnenvennetje, eens kijken of er ook bevroren libellen aan de grashalmen hingen, maar omdat het zonlicht in de verte lonkte, liep ik dit keer recht door. Ik had wel eens eerder op dat pad gelopen, maar keerde aan het einde altijd weer om omdat ik tegen die tijd dan al een hele tijd onderweg was (meestal via het zwijnenvennetje).

Hier en daar waren plekken waar wat vorst te zien was, vooral de bosbessenstruiken zagen er prachtig uit.

De auto moest om half elf weer terug zijn, ik kon het mij dus niet veroorloven om te verdwalen maar het onbekende stuk bos lonkte, mij goed het pad inprentend liep ik verder.

Wat was het mooi gistermorgen. De rust, het wit dat hier en daar te zien was, de zonneharpen tussen de bomen, echt genieten.

Tussen de hoge dennen stond een kleine berk, helemaal in herfsttooi leek ze wat onder de indruk van haar lange buren.

Op een open plek in het bos waren de takken die daar op de grond lagen bedekt met een laagje rijp. Een vreemd gezicht, zo een witte plek in het bos.

Ik nam de gok dat het pad voor mij een afslag naar rechts zou hebben die mij dan een aardig stuk richting de parkeerplaats zou brengen. Meestal gaat dit niet goed omdat de paden in mijn hoofd wel recht lopen maar in het bos zeker niet.

Ik had geluk, het pad liep naar de plek die ik dacht en onderweg waren nog meer zonneharpen te bewonderen.

Bij de parkeerplaats gaf het bos nog een laatste toegift.

Nog snel even het restant van een spinnenweb en toen was het de hoogste tijd om de auto weer terug te bezorgen bij Buurvrouw.