Gisteren las ik op een website dat er op Urk kruiend ijs te zien was. Dat is niet al te ver hier vandaan en omdat ik nog nooit kruiend ijs had gezien leek het mij een mooi moment om naar Urk toe te gaan.

De wind kwam over het koude water en ijs aan waaien en maakte dat het veel kouder aanvoelde dan de min twee die de thermometer in mijn auto had aangegeven. Die koude wind zorgde er ook voor dat ijsschotsen van het IJsselmeer tegen de dijk bij Urk werden aangeblazen.

Het was een prachtig gezicht, de brokken ijs die schots en scheef over elkaar heen lagen. Sommigen wit, anderen geel en weer anderen onwaarschijnlijk blauw.

De lucht begon donker te worden, het zou niet lang meer duren voor het zijn sneeuw zou laten vallen, maar tot die tijd kon ik nog even door gaan met fotograferen.  En met mij deden heel wat andere mensen dat. Sommigen in hun eentje…

En anderen met elkaar, waarbij men elkaar om de beurt op de ijsschotsen fotografeerde.

Ondanks de ijzige koude was het genieten van al dat ijs. Pas later toen ik de foto’s op de computer terug zag, viel mij op dat het zo af en toe wel leek alsof het een bevroren branding was.

Het was gewoonweg genieten van al die kleuren en vormen die in het ijs te zien waren.

Maar het was koud en de lucht nog steeds dreigend. Tijd voor wat laatste foto’s dus en dan de warmte van de auto opzoeken en snel naar huis om de houtkachel aan te steken.