Vanmorgen zag ik vanuit het slaapkamerraam prachtige wolken. Dus maar snel het bed uitgesprongen, Picolo eten gegeven, de kleren aangetrokken en naar het water gelopen. Want met mooie luchten moet je snel zijn, voor je het weet zijn ze al weer weg. Het was vreemd toen ik weer naar huis terug liep. Achter mij de naderende regenbui, links van mij hoorde ik het gerommel van onweer en voor mij scheen de zon.

Eenmaal weer binnen keek ik nog even naar buiten. De nevels waren nu verdwenen en het zonnetje scheen nu op het torentje van Zalk, ‘ook mooi’, schoot het door mijn hoofd. Vanuit een ander raam zag ik even later een prachtige regenboog. Omdat ondertussen de regen ook mijn huis had bereikt snel een regenjas aangetrokken en weer naar het water gelopen om van die prachtige, dubbele regenboog een foto te maken. Wat kan regen toch prachtig zijn.