Ik had het kunnen weten. Het gepiep dat ik hoorde toen Picolo binnen kwam was niet van een roestig stukje tinnen speelgoed. Iets wat ik even dacht toen ik dat geluid hoorde. Het was een levende muis die midden in de kamer werd los gelaten om vervolgens door Pico nagekeken te worden toen het beestje zich verstopte achter wat spulletjes.

Het muisje had zich aardig goed verstopt maar piepte steeds wanneer het weg liep, niet handig want nu wist Picolo steeds precies waar hij was. Toch wist het muisje naar een hoek in de kamer te rennen om zich vervolgens in het gordijn te verstoppen. Daar kon Pico hem niet vinden. Hij draaide wat rond om het gordijn, hoorde het muisje en zocht harder, maar vond hem niet.

Omdat het beestje niet al te snel was, leek het mij wel mogelijk om het te vangen in een bakje. Snel een bakje opgezocht, een stuk karton om het bakje af te sluiten en Picolo even buiten de deur gezet. Daarna het gordijn open vouwen tot ik het muisje kon zien hangen, vlak boven de vloer. Zodra het beestje op de grond sprong probeerde ik het doosje over hem heen te zetten. Dat lukte gelukkig, ik hoefde alleen nog even het kartonnetje er onderdoor te schuiven en het muisje was gevangen.

Terwijl ik probeerde nog even een foto door het matte plastic te maken van het muisje, dat een opvallend lange neus had, kwam Picolo weer binnen. Dat was mooi, want zo kon ik het muisje buiten weer loslaten zonder dat meneer er met zijn neus boven op zou staan. En zo kon weer een muisje levend en wel de tuin in rennen. Ik hoop maar dat ik hem niet weer zie.