Ooit kwam mijn broertje thuis met een heel eigenaardig iets. Hij had het gevonden bij een zandafgraving in Harkstede waar er een heel stapeltje van had gelegen. Het zag er uit als steen maar voelde aan als plastic, ook was het heel erg licht. Mijn broertje en ik mochten graag ‘onderzoeken’ en experimenteren, en dit rare ding was een ware uitdaging.

Het zonk in water. Dat wij voor die test de regenton hadden uitgezocht was niet heel handig, het werd dan ook een hele klus om het er weer uit te halen. Je kon er in zagen, dus een steen zou het wel niet zijn. Je kon er stukjes afslaan met een hamer, zou het dan toch steen zijn? Maar het zag er ook uit als plastic, zou het dan willen smelten? Nee, het smolt niet. We kwamen er niet uit, was het nu steen of niet?

Na een tijdje verloren wij onze interesse voor het vreemde brokje en gooiden we, wat er van over was gebleven, op het grindpad waar het opging in de andere kiezels. Maanden (of was het jaren) later kwamen mijn ouders thuis van een bezoek aan een oom die stenen verzamelde. OomW had vol trots zijn nieuwste aanwinst laten zien: een stuk barnsteen. En verhip, het leek precies op wat mijn broertje ooit mee naar huis had genomen.

De volgende dag zijn we gaan zoeken tussen het grind, het stukje op de foto is het enige wat we ooit terugvonden. Broertje is nog terug gegaan naar de zandafgraving in de hoop dat het stapeltje er nog lag of dat hij nieuwe brokken kon vinden, maar helaas.

Sinds die tijd, wanneer we met mijn ouders gingen wandelen in een bos en er een ontwortelde boom lag, zochten we altijd in het zand naar stukjes barnsteen. We vonden alleen schilvers, maar leuk was het wel.